30.09.2020

Een gevleugelde uitspraak in het veld van de zorg is: ‘je bent je eigen instrument.’ Voor mensen in de zorg een heel gewoon concept, maar voor mensen buiten de zorg soms vaag. En logisch ook. Als je nooit met zorg te maken hebt is het lastig inschatten wat er precies gebeurt in dat vakgebied. De medische zorg is vaak nog wel bekend, de ziekenhuizen of bijvoorbeeld de verzorgingshuizen. Minder duidelijk wordt het als het gaat om sociaal-emotionele begeleiding. Bijvoorbeeld in de richting van de psychiatrie, gezinshulpverlening of gehandicaptenzorg. Wat doe je dan precies? Een vraag die al dat soort hulpverleners wel eens hebben gehad.

 

Ze doen allerlei dingen. Ze voeren gesprekken. Bedenken agogische activiteiten. Stemmen de zorg af met anderen om de cliënt heen. Geven praktische tips over hoe om te gaan met de problematiek. Ze stimuleren anderen tot ontwikkeling, geven de zetjes en zitten op de handen om de ander zelfredzamer te maken. Ze schrijven hulpverlenings- en begeleidingsplannen. Dit kan op (woon)groepen, individueel, binnen gezinnen of bij de mensen thuis. Wat ze ook doen, ze nemen vaak (tijdelijk) een grote rol in binnen iemands leven, om die ander een stap vooruit te helpen.

 

Onder de streep hebben ze allemaal iets gemeen. Dat is dat ze vooral zichzelf als instrument inzetten, als tool. Uiteraard ondersteunt door methodieken, werkwijzen en theoretische kennis, maar ze gebruiken vooral wie ze zijn in het werk dat ze doen. Wie ben je? En hoe zet je dat professioneel in? Het kan het verschil maken of je die ander een stap vooruit gaat helpen.

 

Moet je je voorstellen dat bijvoorbeeld een metselaar zo werkt. Dat diegene zijn/haar eigen mening en visie in de stijd gooit om die muur te metselen. Een muur net even hoger metselt omdat dat vroeger ook zo was in het ouderlijk huis. Of de kleur aanpast van de stenen omdat dit beter voelt in relatie tot de kleur van het dak. Maar ook meeveert met het proces van het bouwen en zonder problemen met leem verder gaat als de specie op is; blijkbaar is dat de ontwikkeling van het huis en daar past de metselaar zich feilloos op aan. Hij/zij duikt in de boeken en kijkt wat de voordelen van leem zijn. Er volgt overleg, ook met de loodgieter trouwens, die heeft er ook een mening over namelijk. Leem it will be uiteindelijk, althans voor de aankomende tijd.

 

Een flauwe vergelijking, maar wel één die de tendens in de zorg weergeeft. En laat het helder zijn; een hulpverlener heeft geen bouwtekening/plattegrond en moet dus op eigen inzicht proberen uit te vinden wat werkt. Gesteund door methodieken en theorie natuurlijk, maar vooral varen op eigen inzicht en ervaringen.

 

Het belangrijkste instrument in de hulpverlening ben je zelf.

 

Het maakt het werk complex en geen exacte wetenschap. Moeilijk meetbaar. Het werk komt vaak heel dichtbij en gaat soms over grenzen heen. Het werk gaat in je systeem zitten en raakt heel direct je eigen persoonlijkheid. Bij succes, maar ook bij falen. Je ziet in dit vak dan ook vaak een enorme bevlogenheid en passie. Je ziet aan de andere kant ook vaak hoe kwetsbaar het is om op zo’n dun lijntje te lopen tussen je privé persoon en je professionele ik. Dat gebied is grijs dus loop je automatisch ook wel eens aan de verkeerde kant van die lijn.

 

Gelukkig zijn er binnen organisaties talloze manieren en middelen om je professionele kant te versterken zodat het, vaak pittige werk, je persoonlijk niet in de weg zit. Er is vaak werkbegeleiding, intervisie en er zijn trainingen. Je leert omgaan met de dynamiek van het werk en leert hoe je jezelf gezond als tool kunt inzetten.

 

Voor een aantal van die hulpverleners zijn wij werkgever, want we detacheren immers in de zorg. Vaak krijgen ‘onze’ hulpverleners van alles aangeboden binnen de organisaties waar ze gedetacheerd worden, maar wij doen ook een duit in het zakje.

 

Wij zijn weliswaar werkgever, maar bemoeien ons niet inhoudelijk, op casusniveau, met het werk dat de hulpverleners uitvoeren. Het kan niet omdat het complex werk is en je eigenlijk met je neus er bovenop moet zitten om er iets zinnig over te kunnen zeggen. We bemoeien ons er ook niet mee omdat het privacy-technisch niet kan en mag.

 

Maar hoe dragen wij dan wel bij aan hoe de hulpverleners het werk doen?

 

We onderhouden altijd nauw contact met de hulpverleners in onze trajecten. De één heeft hier trouwens meer behoefte aan dan de ander, dus daar houden we rekening mee. Het contact dat we hebben gaat via de telefoon, appjes en in gesprekken. Omdat we van de werkvloer komen gaat het vaak meteen de diepgang in. We weten hoe het voelt om zorg te verlenen en wat je allemaal tegen kan komen in het werk.

 

Daarnaast bieden we trainingen en workshops aan die de hulpverleners via ons kosteloos kunnen volgen. We zetten in op thema’s die generalistisch zijn in het werk. Denk aan trainingen en workshops waarbij je leert omgaan met stress, of hoe je om kan gaan met bepaalde problematiek die vaak langskomt in het werkveld. Dit zijn sessies in (virtuele) groepen, vooral om kennis te vergroten en tools te geven die je praktisch kan inzetten op de werkvloer.

 

Een andere lijn waarop we inzetten zijn individuele trajecten gericht op persoonlijke groei en zelfkennis. De hulpverleners kunnen een talent-assessment doen of een uitgebreide test over hun rol in teams. Beide worden dan in een uitgebreid persoonlijk gesprek geëvalueerd en eventueel voortgezet in een uitgebreider persoonlijk coachingstraject. Het helpt de hulpverleners naar zichzelf te kijken. Als een spiegel. Want je kan hoog en laag springen maar hulpverleners zijn steengoed in observeren. Motieven achter gedrag ontdekken. Non-verbaal zien wat de ander eigenlijk wil zeggen. Ze kunnen feilloos door anderen heen prikken, maar prik maar eens door jezelf heen. Kijk maar eens met je eigen ogen naar jezelf. Voor iedereen pittig, hulpverlener of niet.

 

Als bureau creëren we dan ook een context waarbij de hulpverleners de beste versie van zichzelf kunnen zijn en worden. Op en naast de werkvloer. Daar hebben ze zelf wat aan. Daar hebben de organisaties wat aan. Maar daar hebben de cliënten waarmee ze werken vooral wat aan.

Vindrs personeel 02LR